Vaak vragen mensen of het mijn droom is om Grand Prix te rijden. Het is geen droom, maar het is een kans die zich aandient. Mijn paard heeft de capaciteiten waardoor het mogelijk is GP te rijden. Wij zijn al een heel eind op weg, en nu droom ik  er wel van om daadwerkelijk GP te rijden. Veel leerlingen worstelen in een bepaalde klasse. Het paard loopt in de trainingen beter, maar op wedstrijd gebeurt er van alles waardoor het nog niet zo eenvoudig is. Dat komt op elk niveau voor. In deze blog maak ik jullie deelgenoot van mijn weg naar de GP om dit te illustreren.

Het begon in oktober 2012. Ik was op zoek naar een paard en een stalgenoot attendeerde mij op een paard. “Hij is wat grof, half tuiger en is 8 jaar oud”, niet helemaal een omschrijving waar je warm van wordt. Toch ben ik het paard gaan proberen. Ik wilde graag een paard waar ik ZZL mee kon rijden. Hij was op zijn derde zadelmak gemaakt, en sindsdien een paar keer per jaar gereden. Hij had ook ingespannen gelopen, maar na een ongeluk met het uitspannen, was dat hoofdstuk voorbij. Toen ik er op ging, voelde ik een looplust, zoals ik die nog nooit gevoeld had. Een enorme kracht, maar goed te begeleiden. Mijn twijfel zat vooral in zijn exterieur- ik vond hem spuuglelijk. Ben vervolgens heel veel andere paarden gaan kijken. Geen één gaf mij hetzelfde gevoel. Een goede vriendin belde en ik vertelde over mijn zoektocht. “Dus het paard is alles wat je zoekt, hij is alleen lelijk?” “Ja” hoorde ik mezelf zeggen en op dat moment drong door wat ik zei. Ik heb hem direct gekocht.

Hij werd gebracht, maar zijn eerste trailerrit was geen succes. Hij kwam over de stang en was behoorlijk in paniek. Hij kon geen balans houden op de trailer. Hij was in zijn hele leven nog niet weg geweest. De eerste drie weken was hij druk, onrustig en behoorlijk lastig te bereiken. In de wei kwam hij door het draad, hij verwoestte dekens van andere paarden en bleef jagen. Hij was schrikachtig en ronduit bang van alles wat achter hem gebeurde. Een menwagen hoefde hij maar te zien en hij was echt in paniek. Zo ingewikkeld hij in de omgang was, zo braaf was hij onder het zadel. Hij deed ongelofelijk zijn best en kon als het moeilijk werd alleen heel erg hectisch worden. Wij zijn heel rustig aan begonnen. Het eerste maanden helemaal niets en in april 2013 gedebuteerd in de L2. Dat ging buitengewoon. Hij liep eenvoudig door de proeven heen. Ik hoefde hem alleen maar rustig te houden. Na de Hippiade heb ik hem M1 gestart. Ook dat ging boven verwachting. Met mijn andere paarden was het altijd net wel of net geen winst. Met Zhir was het standaard winst en variërend van een, twee of drie winstpunten. Het was een genot!

Dat is niet helemaal waar. Het trailerladen was een drama. Hij stond niet stil op de trailer en op het terrein brak hij de boel af. Het heeft mij twee jaar gekost, voordat hij rustig de trailer op liep en dat ik hem ook op de trailer kon laten staan. Nu vervalt hij nog wel eens in zijn oude gewoonten, maar als ik dan een paar keer weer oefen, gaat het goed. Altijd als ik in de buurt van de stal kom, gaat hij enorm te keer. Men hoort hem al van ver aankomen, dat krijg ik er niet uit.

Hij liep M1 na een jaar, van daaruit heb ik de overstap gemaakt naar de Z2, en direct door naar het ZZL. Onverwacht werd ik regiokampioen Utrecht 2014, ik wist niet wat me overkwam. Zijn andere kant kwam ook wel tot uiting; op de Hippiade was hij zo over zijn toeren, door het wachten en de drukte dat ik hem niet kon bereiken. Ik kan dan blijven zitten, maar het heeft niets met rijden te maken. Dus dat was een teleurstelling. Het management komt heel nauw. Het is later nog wel eens gebeurd, nu weet ik dat ik op dat moment niets kan doen. De spanning in zijn lijf is dan zo groot, dat ik maar beter kan accepteren dat het zo is.

Na het ZZL volgde het ZZZ en de LT en het ging heel aardig in deze klassen. Heb zelfs de indoorkampioenschappen ZZZ gereden. De scores varieerden meer, maar ik haalde geregeld de 65%. Hij bleek aanleg te hebben voor piaffe. Dus ik probeerde ook om de passage aan te raken. Dat duurde behoorlijk lang, maar op 1 januari 2016 viel het kwartje en was het begin van een passage daar. In augustus 2017 ben ik voor het eerst gestart in de Inter II. Na een paar goede starts in de Inter II verliep het debuut in de GP dramatisch. Ik was volkomen de weg kwijt en voelde niet wat ik aan het doen was. Inmiddels ben ik vaker GP gestart maar steeds HC en heb ik ook winst gereden bij drie gerenommeerde juryleden.

Leren rijden

In die jaren heb ik met Rien van der Schaft en Marion Schreuder intensieve gesprekken gevoerd over “goed paardrijden”. Ik realiseerde me dat ik te veel mijn hand gebruikte. Stap voor stap kwam ik erachter dat ik in de basis veel miste, ik reed niet van achter naar voren, het paard volgde mijn hand niet. Dus terug naar de basis en vandaar uit weer opbouwen. Weliswaar een lange weg, maar wel de enige die past. Mijn hele beeld van paardrijden veranderde. En sindsdien gaat het in de ring eigenlijk slechter.

Ik leer paardrijden. Ontegenzeggelijk. Het is een moeilijk maar heel waardevol proces. Ik leer finesses te voelen, verschil te maken en met veel meer gevoel te rijden. In de ring lukt het nog niet. En dat is frustrerend. Alle onderdelen kan ik rijden, maar nog geen proef. En daarmee is dus ook duidelijk dat ik de beperkende factor ben. Ik heb wel met mezelf te maken, ik let vooral op één aspect, en vergeet gemakshalve al het andere. Ik laat me afleiden door mijn sporthelden als die ook rijden of langs de baan staan. Dan houd ik eenvoudigweg op met rijden. Het ergste vind ik dat ik geen betrouwbare partner ben voor mijn paard.

En ook knaagt er iets anders in mijn hoofd. De beoordelingen zijn erg wisselend. Je kunt op het commentaar van de protocollen niet bouwen. Dezelfde jury beoordeelt telkens anders, ik krijg dezelfde score voor onvergelijkbare proeven. Hoe kan ik leren van de beoordelingen?  Punt blijft natuurlijk dat het beter moet. Alles moet vloeiend, stil, aan elkaar en makkelijk. Of ik het ga bereiken, weet ik niet. Ik ervaar thuis de vooruitgang. Maar op concours ben ik toch anders en rijd ik niet zoals ik kan. Daar moet ik zelf mee aan de slag.